Spoorloos [deel 1]

Stel dat je een van de 158 Bosschenaren bent die Trum heten. Je hebt de pee in over het lokaal bestuur. Wat doe je dan? Stem je op een populistische partij? Bestook je raadsleden met schotschriften tot ze capituleren? Keer je de democratie ontgoocheld de rug toe? Of richt je zelf een partij op die-alles-anders-gaat-doen?

Het is gissen. Maar de Amerikaanse verkiezingen doen het ergste vrezen. Want na de Mexicaanse griep – de laatste pandemie, waar geen muur tegen hielp – teistert een nieuwe besmettelijke ziekte de wereld. De naam: boosheid. Overdracht vindt zowel fysiek als digitaal plaats. De incubatietijd is maximaal vijftien jaar. Symptomen: getergde blik, vlokkend mondschuim en een murw gebeukt uitroepteken op het toetsenbord. Vaccinatie is geen optie. Spijtig, al scheelt het veel tumult in talkshows en in de bijbelvaste Bommelerwaard.

Het klassieke medicijn tegen boosheid is stemrecht. In Nederland mogen mannen al 99 jaar stemmen; het verstandige geslacht 97 jaar. Tot 1970 waren de rode potloden niet aan te slepen. Bij verkiezingen kwam steevast 93 procent van de Bossche kiesgerechtigden opdagen. Kregen zij een kratje Heineken met opener cadeau? Nee, Nederland kende stemplicht. Na afschaffing ervan daalde de animo. Enkele opkomstpercentages bij gemeenteraadsverkiezingen in Den Bosch: 54,4 procent in 1998; 49,5 procent in 2010; 40,4 procent in 2014. Kortom: bij de laatstgenoemde verkiezing gooiden maar liefst 71.513 inwoners hun stembiljet bij het oudpapier. Onder die wegblijvers waren stervenden, zieken en andere legitiem verhinderden. Maar het gros liet zijn kiesrecht versloffen. Teleurgesteld, onverschillig of boos.

Hoe dicht je het gat tussen mismoedige burgers en bestuur? Da’s niet eenvoudig, want overbruggen is een zwak werkwoord – zeker in Den Bosch. Toch rollen de lokale politici hun mouwen op. Sinds kort organiseren zij de maandelijkse bijeenkomst Informeren en Ontmoeten. Locatie: het Bestuurscentrum. Elke aangemelde inwoner of organisatie krijgt vijf minuten spreektijd om een idee, wens of probleem toe te lichten. Alles kan en mag: dank betuigen, gal spugen, confetti strooien, bezorgdheid uiten. Aanwezige raadsleden mogen ook vragen stellen.

Afgelopen maandag, het bestuurscentrum. Matige koffie, goede sfeer. Op de tribune zitten veertig bezoekers. Weliswaar missen ze vanavond de tv-uitzending van 'Spoorloos', maar mogelijk vallen volk en vertegenwoordigers elkaar live snikkend in de armen. Je gunt ze een hereniging.

Hopelijk praten ze bij, buiten het zicht van opdringerige camera’s. Over de verwijdering, de onbeantwoorde smeekbedes, het wederzijds verdriet. Maar ook: de hoop die nooit wilde doven. Alles zinvoller dan wrokkige boosheid. Daar worden alleen onderbuikpolitici en fabrikanten van maagzuurremmers wijzer van.

_______________________________

Publicatie in Brabants Dagblad 23 november 2016. Dit is deel I van een twee- of drieluik over de raadsbijeenkomsten 'Informeren en Ontmoeten'. Deel 2 verschijnt op woensdag 30 november.