Wie is van hout?

Hij kwam niet uit de catalogus van de IKEA. Hij heette ook geen Björn, Sven of Lars. Om groteske misverstanden te voorkomen: ik heb het niet over de vertrekkende Bossche wethouder. Die heet Ufuk. Ik heb het over de opvallende tafel op zijn kamer in het stadhuis. Kort na zijn benoeming stapte Ufuk de hem toebedeelde ruimte binnen en zag in één oogopslag dat de antieke tafel die de wethouderskamer domineerde, botste met de eigentijdsheid van zijn beoogde beleid. Het was een meubelstuk dat naar anderhalve eeuw boenwas rook, met kringen op het blad van glaasjes oude jenever en zwarte brandvlekjes van askegels uit een tijd dat regenten Hofnar en Golden Fiction rookten.

Tijd voor een andere tafel, wist Ufuk.

Op zijn verzoek ontwierpen leerlingen van het vmbo in Den Bosch een fraai exemplaar. Stichting Stadshout in Den Bosch, die zich over gerooide en omgewaaide bomen ontfermt, stelde het benodigde hout voor hergebruik beschikbaar. Maar de aanbestedingsregels van de gemeente bleken knoestiger dan knotwilgen. Het kon niet, zo'n tafel die van een school afkomstig was. De korsetterie van de procedures duldde het niet. Bovendien klonk in het stadhuis bezorgdheid of het monumentale karakter van de werkkamer zich wel leende voor een al te hedendaagse inrichting. Na veel vijven en zessen kreeg de wethouder groen licht. De tafel kwam en bleek bij Ufuk te passen. Geen vuren, wel vurig. Beschaafd, maar niet glad. Tafel en man herkenden elkaar, in stevigheid en afkeer van wankelmoedigheid.

De moeizame gang van zaken rond de onorthodoxe tafel lijkt exemplarisch voor Den Bosch. Ogenschijnlijk is het een stad die het onbekende verwelkomt, maar dat bij nadere beschouwing vaak met vermomde mitsen en maren doet. Zo'n scherpe bewering verdient tekst en uitleg:

Ik ben Bosschenaar tot in mijn bloedlichaampjes, zowel de rode als de witte en de gele. Zo leerde ik van kinds af wat het meest heiligverklaarde begrip in Den Bosch is: gezelligheid. Tralala en hopsasa zijn de alfa en omega van 073. Sterker nog: gezelligheid is de raison d’être van deze stad.

Ik blaas op een feesttoeter, dus ik besta.

Voor zover ik kan reconstrueren, ben ik niet verwekt in de doodlopende steeg die Achter het Azijntonnetje heet. Toch rispt het zuur al snel in me op wanneer gezelligheid de maat der dingen wil zijn. Ik vrees echter dat dat in Den Bosch wel aan de hand is. Laat er geen twijfel aan bestaan: ik ben dol op een goede sfeer, maar heb ook haar schaduwkanten leren kennen.

Laat ik er enkele noemen. Als gezelligheid het ijkpunt voor denken en doen wordt, verandert zij in een slang die in haar eigen staart bijt – een ouroboros. In de mythologie staat zo'n slang voor een kracht die zichzelf opeet. Mijn conclusie de ouroboros voelt zich thuis in Den Bosch, waar een fijne sfeer al snel belangrijker wordt geacht dan denk- of daadkracht, die beide immers een risico in zich dragen. Want denken en doen – zeker als zij van de gangbare mores afwijken – kunnen veranderingen inluiden, waarmee de gezelligheid op het spel kan komen te staan.

Sowieso rijst de vraag: de gezelligheid van wie?

Er is nog een schaduwkant. Gezelligheid leunt op harmonie. Die bereik je door een hoge mate van eensluidendheid, welwillende knikjes en angstvallige vermijding van conflicten. Ik ken Den Bosch als stad met een sterke allergie voor disharmonie. In de jaren zeventig en tachtig kon je 's nachts nog een beuk krijgen in de gruizige Karrenstraat, maar zelfs die herinnering roept al melancholie op. Kort en goed: Bosschenaren houden niet van harde botsingen, noch fysiek of sociaal. In beginsel is dat geen slechte zaak. Harmonie is vaak een zegen. Maar zij kan ook stilstand opleveren, vooral in een stad waar discours, polemiek en debat al rap worden geassocieerd met ongemak en andere vormen van jeuk waartegen zelfs apotheek Albers op de Markt geen zalf voorhanden heeft.

Vijftien decibel

Een ander nadeel van de Bossche zaligverklaring van sfeer is een tekort aan rechtstreeksheid. Dit is een stad van lievigheid, loyaliteit en lippendienst, waar je niet snel hardop zegt wat je niet zint. Dat doe je liever buiten het gehoor van degene[n] om wie het gaat. Ondertussen blijf je behendig ontwijken of meedeinen, twee beproefde overlevingsmechanismen in zowel het sociale als bestuurlijke verkeer van Den Bosch. Zo overstijgt openlijke kritiek zelden de grens van vijftien decibel, wat overeenkomt met het geluid van ritselende bladeren.

Een ander struikelblok in 073 is snelheid – of preciezer geformuleerd: het tekort eraan. Voor een deel valt dat het stadsbestuur niet te verwijten. Ook Den Bosch is afhankelijk van Haags beleid en welwillendheid, met name op financieel vlak. Toch stel ik vast dat voortvarendheid geen uitgesproken Bossche kwaliteit is, al zijn er de laatste vijftien jaar regelmatig demarrages. Ik kan me dan ook levendig voorstellen dat een wethouder die Sturm und Drang belichaamt zijn handen ten hemel heft – of met de vuist op tafel slaat – als ambities lijden onder stroperige procedures en slakkegangige besluitvorming.

In deze stad is dat niet denkbeeldig. Hier zijn wens en wil de twee wijzers van de klok die geen haast heeft. Doucement, doucement. ‘Voor alles is een tijd’, sust het bijbelse boek Prediker, en dat geldt zeker voor daadkracht in Den Bosch. In zwaarmoedige buien denk ik weleens: de enige vaart is de Zuid-Willemsvaart.

Vreemd is dat niet. Het gaat Den Bosch, dat zichzelf graag afficheert als zuidelijk hoofdkwartier van viering en feest, voor de wind. Of preciezer geformuleerd: het gaat goed met een deel van onze stadsgenoten. Met een flink deel ook niet. De Atlas van Afgehaakt Nederland, een omvangrijk sociaal-geografisch en electoraal onderzoek, laat zien dat kansenongelijkheid de laatste jaren tot groeiende wrevel en miskenning heeft geleid. Wie dat nog durft te ontkennen, nodig ik uit om – zeker na de jongste verkiezingsuitslag – met veger en blik diverse Bossche wijken in te gaan. Wat er aan scherven ligt, is het vertrouwen in gelijke sociaal-economische en culturele kansen. Dat is wat de onthutsende winst van de PVV bij de Tweede Kamer-verkiezingen 2023 ons leert. Goed om bij stil te staan: de partij die het beginsel less is more een racistische wending gaf en de begrippen kopvoddentax en nepparlement muntte, kreeg in Den Bosch 23,6% van de stemmen, het hoogste percentage van alle grote Brabantse steden.

Nog te weinig lijken bestuurders en beleidsmakers – zeker in Den Haag – de urgentie te voelen om ongelijkheid aan te pakken. Zij behoren immers niet zelf tot de struikelaars, de pechvogels en de armlastigen die wakker liggen van hun onbetaalde gasrekening. Sterker nog: zij kennen amper mensen die in de schaduw leven. Dat roept een ongemakkelijk besef op. Volgens de samenstellers van de Atlas van Afgehaakt Nederland heeft een groeiend aantal landgenoten de gevestigde orde de rug toegekeerd. Maar gelet op de verkiezingsuitslag vrees ik dat het omgekeerde het geval is: de gevestigde orde heeft landgenoten de rug toegekeerd. Dat heeft gevolgen waarvan we de schade nog amper kunnen overzien.

Levensopdracht

Of de tafel van Ufuk nog in het stadhuis staat, weet ik niet. Maar ik hoop dat het vmbo-leerlingen en anderen blijft inspireren om hout uit Den Bosch te hergebruiken. Maak er bruggen van, om de overkant van de kloof te blijven bereiken. Timmer houten ladders, om boven jezelf – of boven wat er over je beweerd wordt – uit te kunnen stijgen. Maak wenteltrappen naar het hoogst haalbare: gelijkwaardigheid en de vrijheid om jezelf te zijn.

Eén zekerheid in wankele tijden: Ufuk hoeft geen ladder of wenteltrap te beklimmen om te weten voor welke fundamentele rechten hij zal blijven vechten. Zijn levensopdracht zit immers al verstopt in zijn naam. In het Turks betekent Ufuk horizon. Het is een naam die overtuigend bij hem past, want hij is in staat om verder dan zichzelf te kijken. Bovendien gelooft hij diep in dat wat nog niet in ieders zicht ligt: een wereld waarin gelijkheidwaardigheid vanzelfsprekend is.

Na de jongste verkiezingen lijkt die wereld in een vervagende stip te veranderen. Het betekent dat er nog meer werk aan de winkel is. Gelukkig ben ik ervan overtuigd dat hij recht zal blijven doen aan zijn naam: Ufuk, een horizon van hoop, een kim van kansen voor iedereen.

_________________

Voordracht bij het afscheid van wethouder Ufuk Kâhya op 23 november 2023 in het stadhuis van Den Bosch